Lammyskrabbels.nl

Verhalen

IJsberen

Zoals elke zondagmiddag nestelt onze vader zich in de rookstoel voor een middagdutje. Zijn jenever staat al koud.

Mijn broer heeft de schaatsen ingevet. Ons zusje knikt hoopvol. Zullen we dan maar?

Ik prevel een schietgebedje en kijk naar buiten, alsof daar onze hulp vandaan komt.

Katholieke jongens en meisjes en mensen die nergens-aan-doen fietsen voorbij. Mutsen op, schaatsen onder de snelbinders. Deze winterdag is een godsgeschenk. We hebben alleen vandaag nog. Jammer dat het zondag is.

 

Schaatsen op zondag is verboden. Zondag wil zeggen: twee keer naar de kerk, niets kopen, niet sporten, geen wereldse zaken behartigen. De zondag dient voor rust en heiliging.

Onze moeder knikt begripvol. ‘Alleen als papa het ook goedvindt.’

Gedrieën binden we de strijd aan met de onwrikbare standpunten die onze vader eerbiedigt. In slagorde naderen we de rookstoel. Hij zit met de rug naar ons toe.

Ik heb het gevoel dat hij op ons wacht. 

‘Pap?’

‘Wij christenen schaatsen niet op zondag.’

‘Maar morgen gaat het dooien.’

Ons bidden en smeken vindt geen gehoor. Met een vermoeid gebaar wuift hij ons weg. We trekken ons terug om te beraadslagen.

‘Papa gunt het ons wel, zeg ik. ‘Maar hij ziet beren op de weg.’

Beren? Zusje vat het niet. ‘Welke beren?’

‘IJsberen,’ zeg ik wijsneuzerig. ‘Papa is bang dat een ouderling het te weten komt. Dan krijgt hij een vermaning.’

‘Wat is dat?’ 

Dat weet ik niet zo goed, maar ik heb dat woord horen fluisteren, toen twee jongens van onze kerk een keer op zondag kranten hadden bezorgd.

‘Als we voorbij de brug het ijs opgaan, ziet niemand ons. Daar woont toevallig niemand van onze kerk,’ bedenkt broer.

Onze vader gelooft niet in toeval. Hij veegt onze argumenten van tafel, zoals Jezus dat deed bij de geldwisselaars in de tempel. 

Mijn broer vloekt zachtjes. Zusjes lip trilt. Ik stampvoet. Godallemachtig, dat prachtige, uitnodigende ijs is toch ook een deel van de schepping?

‘Zou Jezus het nou echt niet goed vinden?’ Vraag ik me hardop af.

‘Jezus? Wacht eens even…’ Mijn zusje is alweer bij onze vader.

‘Papa, wat is eigenlijk het verschil tussen over het water lópen en…

 

In een oogwenk stuiven we ervandoor. Mutsen op en schaatsen om de nek.

‘Voor het donker thuis,’ roept hij nog. We breken records al voor we een schaats gereden hebben. Binnen vijf minuten staan we op de vaart.

Daar kan zelfs Jezus niet tegenop.