Lammyskrabbels.nl

Columns

De moeder de vrouw

E-man-cipatie

 

Nog altijd is er sprake van ongelijkwaardigheid tussen vrouwen en mannen.

Te weinig vrouwen in topfuncties. Ongelijke salariëring bij gelijkwaardige functies en seksisme in reclames en media, om maar wat te noemen.

Natuurlijk gun ik ons, vrouwen, een gelijkgesteldheid aan de mannen. Natuurlijk protesteer ik wanneer grensoverschrijdend haantjesgedrag door de heren, oogluikend wordt toegestaan, terwijl de dames te horen krijgen dat zij een en ander wel uitgelokt zullen hebben. Natuurlijk vind ik ook dat politieke partijen vrouwen het lidmaatschap niet mogen ontzeggen en natuurlijk moet dit aan de man gebracht worden. Maar hoe doe ik dat?

 

Vroeger had je de VOS-cursus: Vrouwen Oriënteren zich op de Samenleving.

Halverwege de zeventiger jaren sleept een buurvrouw me mee naar zo’n cursus. Ik word me bewust van de vanzelfsprekendheden en valkuilen op het gebied van vrouw-zijn en ik herken de ingesleten patronen in mijn eigen familie en in mindere mate in mijn eigen situatie. Na een week of vier vertelt een deelneemster dat ze grote problemen heeft thuis, met haar man als gevolg van haar bewustwording omtrent hun relatie. Zodra ze over haar man begint wordt ze afgekapt. Het moet over haarzelf gaan. Niet veel later hoor ik van twee andere cursisten dat ook zij relatieproblemen hebben, mede door de ontstane inzichten. Een van hen stopt met de cursus om haar huwelijk te redden.

Ik vraag me af hoe dat zit met de verantwoording en waarom er niets is geregeld voor vrouwen én mannen die door de cursus in de problemen komen. Moet die bewustwording ook niet plaats vinden bij de mannen, op een gelijkwaardige manier?

Op dat soort vragen hebben de dames niet gerekend, merk ik. Met een dooddoener - ‘een vos-cursist moet soms door een zure appel bijten’- wordt mij en enkele medestanders de mond gesnoerd. Omdat ik het best ernstig vind wat er gebeurt, besluit ik mijn mond niet open te doen tijdens de lessen, maar stap ik na afloop van een les naar de twee cursusleidsters. Als ik zeg dat ik het inhumaan vind op zo’n manier gelijkwaardigheid af te dwingen, reageren de dames beledigd.

Volgens hen neem ik het op voor de mannen, in plaats van voor de vrouwen. En volgens hen blijf ik achter in de emancipatiegolf, omdat ik de vrouwen niet los zie van hun omgeving. Ook mezelf niet. Juist mezelf niet. Kortom, ik ben een hopeloos geval en een VOS-cursus onwaardig.

Ik doe een laatste poging: waarom de mannen niet meenemen in het gelijkwaardigheidsproces? Al is het maar om de kinderen een hoop verdriet te besparen. Een kwestie van samen optrekken.

Ik stuit op een brok graniet. De emancipatie van vrouwen, met name zij die de pech hebben hun leven te moeten delen met een man, is een hoog en heilig goed. En ja, dat vraagt offers. Ook van de kinderen. Die leren dan gelijk hoe het niet moet.

Doorgaans spring ik niet snel uit mijn vel. Meestal laat ik woede bezinken en bedenk vervolgens wat ik er mee aan moet. Maar dit keer ontplof ik, noem het een schande dat deze sektarische organisatie als een sluwe vos overheidssubsidie opstrijkt en intussen de samenleving op kosten jaagt, door mensen te indoctrineren en vervolgens aan hun lot over te laten.

Dat wordt me niet in dank afgenomen. Ik hoef niet terug te komen. De Vos is aan mij niet besteed. Ik

zou de anderen maar opstoken, volgens de één. Ik ben halsstarrig, meent de ander. Mensen als ik zorgen juist voor wanorde in plaats van gelijkheid tussen man en vrouw.

Mijn wenkbrauwen gaan omhoog. Vrouw én man, zul je bedoelen.

 

Ze zijn er niet meer, die VOS-cursussen. Roemloos tenonder gegaan, terwijl er nog altijd sprake is van ongelijkwaardigheid tussen de seksen. Wij moeten het zonder gesubsidieerde hulp doen.

En dat doen we dan ook. Stokend, halsstarrig en wanordelijk, maar toch…